Links en de nieuwe elite

animal farm

In 1963 bracht de PvdA een rapport uit dat veel invloed zou hebben: ‘Om de kwaliteit van het bestaan’. De geestelijke vader was Joop den Uyl. En die was weer erg beïnvloed door de Amerikaanse econoom Galbraith (‘The affluent society’).

De strekking van het rapport was (ruim een halve eeuw geleden!) dat een verdere toename van de particuliere consumptie ten koste zou gaan van de kwaliteit van het bestaan voor iedereen. Den Uyl vreesde voor Amerikaanse toestanden: overvloed voor een minderheid en gebrek bij de massa.

De oplossing die Den Uyl propageerde was progressieve belasting, waardoor extra kon worden besteed aan onderwijs, zorg, sociale woningbouw, water, infrastructuur. Een verschuiving dus van particuliere consumptie naar collectieve bestedingen. Een belangrijk argument voor hem was dat op die manier de welvaart eerlijker verdeeld werd.

Inmiddels is de politiek bezig om keihard op die collectieve voorzieningen te bezuinigen om juist meer ruimte te scheppen voor particuliere consumptie. Dat zou goed zijn voor de economie. Het schrikbeeld van Den Uyl, dat komt er dus toch van. En daar werkt de PvdA nota bene aan mee.

In 1978 kwam de PvdA met een revolutionair beginselprogramma. Tegen kapitalisme, milieuvernietiging, uitbuiting en voor het nationaliseren van basis industriën, banken, pensioenfondsen, verzekeringsmaatschappijen, farmaceutische industrie en wapenindustrie. Verkorting van arbeidstijd en de arbeidsweek, vrijwillige vervroegde pensionering.

Als je die vergeten rapporten leest dringt de vraag zich op: waar ging het fout? Voor links is dat geen vraag: het ligt aan het neo-liberalisme. Maar dat antwoord is te makkelijk. Met de PvdA-beginselen van 1978 hoef je tegenwoordig bij de PvdA en ook bij GroenLinks en de SP echt niet meer aan te komen en Den Uyl zou, net als Jan Pronk, niet meer serieus genomen worden.

Waarom won het neo-liberalisme ook bij ‘linkse’ partijen terrein? Het antwoord is dat de groei van de overheid en de groei van door de overheid gefinancierde instellingen een hoog opgeleide elite heeft doen ontstaan die geen boodschap heeft aan eerlijk delen en ook in linkse partijen de dienst is gaan uitmaken. Dat maakt de kritiek op het neo-liberalisme van links nogal hypocriet.

Waar ging het nu fout? Een overheid die groot en machtig wordt doet niet alleen een nieuwe elite ontstaan, maar is ook een aantrekkelijk instrument in handen van bestaande (zakelijke) elites. En de ene of de andere elite, dat klikt al gauw.